Het Nederlandse onderwijssysteem

Onderwijssystemen veranderen voortdurend, ook in Nederland. Op 1 augustus 1997 werd het Leerlingwezen afgeschaft en kwam er de nieuwe Wet educatie en beroepsonderwijs (WEB). Voortaan kan de student zijn mbo-opleiding via twee leerwegen volgen: bol en bbl. Voor beide leerwegen ontvangt hij hetzelfde mbo-diploma. Bovendien zijn er verschillende kwalificatieniveaus.

Het huidige Nederlandse onderwijssysteem wordt hieronder schematisch uitgelegd. Een download (PDF) vindt u onderaan deze pagina. U kunt ook de volledige beschrijving lezen.

Huidige Nederlandse onderwijssysteem

Beschrijving van het schema van het huidige Nederlandse onderwijssysteem

Het schema van het huidige Nederlandse onderwijssysteem leest u van onderen naar boven.

Het schema begint met basisonderwijs voor alle kinderen van 4 tot 12 jaar.

Na het basisonderwijs zijn er drie vormen van voortgezet onderwijs:

  • Voorbereidend wetenschappelijk onderwijs (vwo)
  • Hoger algemeen vormend onderwijs (havo)
  • Voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs (vmbo)

Na het voortgezet onderwijs zijn er drie vormen van vervolgonderwijs:

  • Wetenschappelijk onderwijs (wo)
  • Hoger beroepsonderwijs (hbo)
  • Secundair beroepsonderwijs (mbo)

Het schema geeft met pijlen aan hoe de student horizontaal en/of verticaal kan doorstromen, bijvoorbeeld van hbo naar wo of van vmbo via mbo naar hbo.

Nederlands onderwijssysteem tot 1 augustus 1997

De uitleg van het onderwijssysteem in de periode vóór 1997 staat hieronder schematisch beschreven. Ook deze vindt u onderaan de pagina als PDF. U kunt ook de volledige beschrijving lezen.

Nederlands onderwijssysteem tot 1997

Beschrijving van het schema van het Nederlandse onderwijssysteem vóór 1997

Het schema van het huidige Nederlandse onderwijssysteem vóór 1997 leest u van onderen naar boven. Het schema begint met basisonderwijs voor kinderen van 4 tot 12 jaar. Na het basisonderwijs zijn er vier vormen van voortgezet onderwijs:

  • Voorbereidend wetenschappelijk onderwijs (vwo)
  • Hoger algemeen vormend onderwijs (havo)
  • Middelbaar algemeen vormend onderwijs (mavo)
  • Voorbereidend beroepsonderwijs (vbo)

Na het voortgezet onderwijs zijn er vier vormen van vervolgonderwijs:

  • Wetenschappelijk onderwijs (wo)
  • Hoger beroepsonderwijs (hbo)
  • Middelbaar beroepsonderwijs (lang, tussen of kort) (mbo)
  • Leerlingwezen (primair, voortgezet en tertiair)

Na wo en en hbo bestaat de mogelijkheid tot post-initieel hoger onderwijs.

Het totale schema geeft met pijlen aan hoe de student horizontaal en/of verticaal kan doorstromen, bijvoorbeeld van mavo naar havo of van havo via hbo naar wo.