Allemaal aan de leerrechten

Hoe krijgen we werkenden en werkzoekenden aan de studie? Naast tijd en zin spelen ook kosten een rol. Door elke Nederlander dezelfde leerrechten te geven, is die horde alvast genomen.

“De economie en de arbeidsmarkt veranderen”, zegt Bas ter Weel, directeur van SEO Economisch Onderzoek. “De halfwaardetijd van een opleiding, ofwel de periode waarin een opleiding haar vruchten afwerpt, wordt een stuk korter. Twintig jaar geleden ging je bij een bedrijf aan het werk en daar bleef je je hele leven, eventueel met bijscholing. Maar tegenwoordig hebben bedrijven een kortere levensduur én wisselen medewerkers vaker van baan. Verander je van beroep, dan moet je wel middelen hebben om te investeren.”

Kosten en baten

Persoonlijke leerrechten zijn een manier om die investering mogelijk te maken. Dat wil zeggen dat iedere Nederlander bij geboorte of bijvoorbeeld bij aanvang van de schoolloopbaan hetzelfde bedrag ontvangt om onderwijs te volgen, hoe die route er ook uitziet. In 2018 onderzocht SEO de kosten en baten, zoals beschreven in het rapport ‘Leerrechten doorgerekend’. Ter Weel legt uit: “In de berekening zijn we ervan uitgegaan dat iedereen heeft recht op een universitaire studie, gemiddeld de duurste opleiding. De één maakt dat bedrag direct op en de ander krijgt het potje mee om zich een leven lang te ontwikkelen.”

Prikkel om scholing te volgen

Budget voor extra scholing leidt veelal tot ‘dead weight’: hoger opgeleiden die ervan gebruikmaken, zouden de scholing ook zonder financiële bijdrage hebben gevolgd. Terwijl medewerkers in mbo-functies, waarvoor om- en bijscholing juist zo belangrijk is, dat nalaten. “Leerrechten geven mogelijk een prikkel om wél scholing te volgen”, vervolgt Ter Weel. “Tegelijk kan het voor de overheid een stok achter de deur zijn: u verliest uw baan, dus u ontvangt een WW-uitkering, maar u gaat ook uw leerrechten gebruiken voor een opleiding.”

Van timmerman naar timmerman-plus

Volgens de berekeningen van SEO zijn leerrechten onder bepaalde veronderstellingen rendabel. “We zijn er onder meer van uitgegaan dat bedrijven hun medewerkers tijd gunnen om zich om- en bij te scholen en dat er voldoende onderwijsaanbod is om de doelgroep ook echt wat te bieden. Dan heb je het dus niet over een cursus yoga, maar gaat het erom dat je van timmerman naar timmerman-plus groeit. Een pot geld is dus niet alles. Beroepsonderwijs, bedrijfsleven, brancheorganisaties en de overheid moeten met elkaar zorgen dat een cultuur ontstaat, waarin leven lang ontwikkelen heel normaal is.”